- 22 February 2007
Vuurdoop! Zo kan je het beste mijn kennismaking met ons kantoor in Brussel hoofdstad omschrijven. Je denkt dan “een kantoor is een kantoor, een klant is een klant”. Maar dat is niet zo. Elk kantoor heeft haar specifieke ‘typeklant’. En na vandaag weet ik wel zeker welke typeklant ik prefereer. Of geef ik het nog een kans?
Vorig jaar hield ik kantoor Asse open. Ik kende ongeveer alle klanten bij naam, hun familie, en waar ze zich mee bezig hielden. Zeer veel zelfstandigen, want een ondernemingsloket naast het mijne. Je hebt een relatie met die mensen. In 80% van de gevallen kan je al raden waarom ze komen en hoe je ze kan helpen. Voorspelbaar? Soms. Saai? Niet echt, het gaf je ook zekerheid, het gevoel goed te weten waarmee je bezig bent en je werd ervoor geapprecieerd.
De bloemist brak zijn been, de krukken ging ik hem zelf brengen. Hierzie, bloemen voor het vrouwke, vandaag scoor je! En hij had gelijk ook. Uiteraard met een woordje uitleg erbij; want thuiskomen met bloemen als je dat normaal niet snel doet….
Waar was ik? Brussel dus. Echt geschrokken vandaag. De klant die mij komt vertellen wat zij wil dat ik ‘nu’ (nadruk!) moet doen voor haar. Deed me denken aan mijn dokter die me ooit vertelde dat de patiënt vandaag gewoon zelf de dokter is geworden. Hij, de dokter, “moet” enkel nog (voor)schrijven. Maar we moeten natuurlijk beleefd blijven. Klanten zijn klanten.
Ook een mooie noot en die neem ik mee als ik straks mijn ogen sluit (want werken in een hoofdkantoor is vermoeiend!): een Franstalige kinesiste voor wie ik een probleem(pje) op kon lossen en die mij feliciteerde met mijn kennis van het Frans. Ze bekende me dat ze zich letterlijk doodschaamde dat ik zo mijn best deed en zij geen woordje Nederlands kon meespreken. Dat was een mooi compliment.


